Kijkend, in het nu vertoeven. En overzicht houden. Het liefst vanuit een verhoogde plek, of staande bij ons in de polder, dan heb je ook nog een prachtig uitzicht.
Want het bloeit, zoemt en loeit. Voor het loeien moet ik straks wel nog naar de koeienboerderij, maar daar is het dan in alle toonhoogtes, van kalf tot koe.
En onderweg kan ik dan met vreugde het bio-tulpenveld bekijken, dat ons in het najaar weer bollen levert (bedrijf Tulipsgreen).
En als ik thuis kom zie ik de bloeiende koolplanten weer: Elke kleine spruit die is blijven hangen vormt een bloem. Het oogsten van de voorjaars-boerinnenkool is ook heel anders dan in de winter: Zachte blaadjes tussen de stengels met bloemknoppen in plaats van donkergroene, met rijp bedekte planten. Ook de temperatuur voor mijn handen is nu duidelijk aangenamer. Zelfs de bomen staan vol met bloemen. Ze vallen veel mensen niet op, maar als je kijkt hoe een essentak zijn bloem ontvouwt en de esdoorns groen-gele kelken hebben. Hoe de anders zo sterke eik de bloemstengels naar onderen laat hangen, dan merk je wel het bijzondere van dit jaargetijde.
Anders dan de eik duwt de asperges zijn stengels nu juist naar boven, de eerste worden al geoogst. En ook al is nog niet alles in bloei, het is toch mooi. De paarse winterbroccoli geeft ons voor Pa-sen nog even de juiste kleur bij het eten (bakken, dan blijft die paars). Ook zonder bloei is de rabarber een en al kleuren-pracht van rood, groen en een beetje wit.
Dus: Kijken, proeven en genieten!